Dag jongens en meisjes,
Deze week was het dan eindelijk zover: ik kon met de handjes in de modder. Ik was al gaan kijken met Duncan, de jongen die me met mijn veldwerk helpt, en toen beleefden we dat hele wichelroedeverhaal. De tweede keer was iets minder zweverig: we hebben in het veldje met de grootste bron 5 boringen gedaan en daar boorbeschrijvingen van gemaakt. Erg leuk om alleen al het soort grondboor te zien wat ze hier hebben, toch anders dan een Edelmannboor. En de verlengstukken zijn in ieder geval zéker langer dan 1.20 m want ze pasten maar net diagonaal in de auto van Duncan. Maar boren lukte gelukkig net zo goed. In het veldje had ik bedacht dat we allereerst zouden gaan boren op een transect in het veld, boven het begin van de bron, en dan om de 5 m een boring doen. Het is ons gelukt om 4 boringen op dit transect te doen, dus dekten we zo'n 20 m van het naar schatting 40 m diepe veldje. Op die manier hebben we 4 redelijk op elkaar lijkende boringen gevonden: donkerbruine tot zwarte loess, met naar beneden toe steeds meer scherpe, slecht gesorteerde kwartskorrels. Op de plek waar vrijwel alleen die kwartskorrels te vinden waren, zat het grondwater op telkens ongeveer 1 m diepte. Een leuke eerste vondst. Toen we echter voor de laatste boring 5 m afweken van het transect, heuvelafwaarts, en dus min of meer onder het begin van de bron, vonden we onder de loesslaag allemaal veenlagen met zandlaagjes daartussen. En het grondwater zat op deze plek op zo'n 2 m diepte, terwijl we toch heuvelafwaarts waren gegaan en iets anders verwachtten. Daar moeten we dus zeker omheen nog gaan boren, en in de rest van het veld, om te ontdekken wat er zich precies afspeelt daar. Maar, zoals je ziet, hebben we maar 5 boringen kunnen zetten op die morgen dat we gingen. Ik wil er nog wel 5 bij hebben in dat veldje, en dan hebben we nog een ander veldje en een heuvel die geboord moeten worden. Aangezien Duncan maar 2 ochtenden in de week kan komen, en de grondwatermonsters uit de boorgaten nu wel snel moeten worden genomen, voel ik nattigheid. Ik ga morgen maar eens naar Jan Boll om mijn gevoel en vondsten te bespreken. Hopelijk kan ik een emergency-crew regelen om deze week met me mee het veld in te gaan!!!
De seepage meters zijn óók nog steeds niet gemaakt, want zowel Jan als Jerry waren vorige week op zakenreis en dus kon ik niet de spullen gaan kopen en gaan beginnen met bouwen. Hopelijk gaat dat deze week ook beter. En hopelijk hoef ik het woord hopelijk niet al te vaak meer te gebruiken...
Toch maak ik me er gek genoeg niet heel veel zorgen om. Ik kan toch niks veranderen en ik doe wat ik kan, meer zit er gewoon niet in. Natuurlijk hoop ik wel heel erg dat ik met zo veel mogelijk gegevens dit land weer uit kan gaan, maar het beheerst niet mijn gedachten.
Ik geniet eigenlijk vooral van mijn verblijf hier. Zoals dit weekend, toen ik ging raften met de internationale studenten. Hartstikke leuk! We reden zo'n 1,5 uur zuidwaarts van Moscow, richting Lewiston, naar de Salmon river. Die Salmon river stroomt best snel, maar daar zie je niet veel van want het water is gewoon rustig. Het grootste gedeelte van de tijd besteedden we dan ook aan een beetje peddelen en dobberen. Alleen af en toe kom je een stroomversnelling tegen en dan moet je even goed opletten, dat is wel spannend! De kans dat je tijdens één van die stroomversnelling een flinke guts koud water over je heen krijgt, is zo'n 100%, maar toch probeer je dat te vermijden en zo goed mogelijk weer in rustig vaarwater te komen. Ik moet zeggen, ik vond die wilde momenten wel leuk, maar er was teveel rust tussendoor en zo enorm wild was het nu ook weer niet, dus het raften zelf viel me een klein beetje tegen.
Wat natuurlijk wel erg leuk was, waren al die internationale studenten die mee waren. Dat was in het begin trouwens wel even doorbijten, want ze kennen elkaar onderling al best goed. Ze wonen namelijk allemaal op de campus en eten dan ook in de gaarkeuken (meer kwaliteit is het niet), waardoor ze elkaar de hele tijd tegenkomen en met elkaar eten enzo. Dan voel je je toch een beetje een nieuweling die zijn plaatsje moet veroveren. Maar gelukkig lukte dat wel redelijk goed, en had ik uiteindelijk een hele leuke raftdag waarin ik een heleboel nieuwe mensen uit allerlei uithoeken van de wereld heb leren kennen. De landen waar mijn nieuwe vriendjes vandaan komen zijn de Verenigde Emiraten (Abu Dhabi), Jordanië, Nieuw Zeeland, Israël, Egypte, Georgië en Ecuador. Een gemêleerd gezelschap dus. 's Avonds toen we terugkwamen ben ik ook met ze mee gegaan om te eten, en daar heb ik nog een hele tijd met ze doorgepraat en e-mailadressen uitgewisseld. Zodat ze mij de foto's van het raften kunnen doorsturen, en zodat we voor een andere keer weer wat kunnen afspreken, voor eten en uitgaan! Ik voelde me helemaal blij, in Wageningen vind ik de groep internationale studenten er ook altijd zo leuk uitzien, maar een beetje afgesloten voor Nederlanders. En nu ben ik één van hen, en iedereen is aardig en de achtergronden zijn zo interessant! Ik heb wel denk ik wederom geluk dat ik in het begin van het schooljaar ben gekomen, zodat ik al die introductieactiviteiten kan meemaken. Dat maakt alles wel een stuk gemakkelijker! Gelukkig heb ik, als ik terug naar Nederland ga, in ieder geval dít meegemaakt, ongeacht de resultaten die ik ga vinden. En al maakt dat voor mijn afstudeervak en mijn cijfer natuurlijk niet veel uit, voor mezelf vind ik dat wel erg waardevol. Een mooie tijd om op terug te kijken!
zondag 7 september 2008
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
1 opmerking:
Heey schat,
Nog maar weer eens een schitterend stukje van de "Lineke in Moscow-column". Werkt zeker op de lachspieren en het blijft vermakelijk! Doe zo voort, blijf vooral graven en zweven en de groetjes aan alle nieuwe vriendjes ;).
Kus! Jan xxx
Een reactie posten